LJN: BW3252, Centrale Raad van Beroep, 11/4393 BBZ

Afwijzing aanvraag op grond van het Besluit bijstandverlening zelfstandigen. Een bijstandverlenend orgaan is in de regel gerechtigd om zich bij zijn besluitvorming inzake vragen met betrekking tot de levensvatbaarheid van ondernemingen te baseren op in concreto verkregen adviezen van deskundigen. In dit geval is geen situatie aanwezig waarin die regel niet zou opgaan. Evenmin is gebleken dat de adviezen op onzorgvuldige wijze tot stand zijn gekomen, op wezenlijke punten feitelijke onjuistheden bevatten, of ondeugdelijk zijn gemotiveerd. Er is onvoldoende basis voor de conclusie dat geen sprake was van een onafhankelijk onderzoek. Appellant heeft geen objectieve gegevens - zoals een deskundig tegenadvies - overgelegd die zijn stelling dat wel sprake is van een levensvatbaar bedrijf, kunnen onderbouwen. Met de stelling dat het college en IMK niet zijn ingegaan op het aanbod van zijn zakenpartner om gegevens over te leggen miskent appellant dat sprake is van een aanvraagsituatie, waarbij het op zijn weg ligt om voldoende gegevens te verstrekken.
Posted in Uncategorized

LJN: BW2237, Centrale Raad van Beroep, 10/2462 WW + 10/6643 WW + 11/3414 WW

Herziening en terugvordering WW-uitkering. Niet alle werkzaamheden als zelfstandige doorgegeven aan het Uwv. Schending inlichtingenverplichting. Het Uwv heeft zich terecht op het standpunt gesteld dat appellant met ingang van 8 juli 2004 niet het werknemerschap heeft herkregen en dat van herleving van het recht op een WW-uitkering geen sprake kon zijn. De verplichting om terug te vorderen geldt ook in de situatie waarin het onverschuldigd betalen van uitkering niet alleen het gevolg van het niet of niet volledig nakomen van de inlichtingenverplichting maar, zoals in dit geval, mede het gevolg is van nalatigheid van het Uwv om op wel verstrekte informatie adequaat te reageren. Geen dringende redenen om af te zien van herziening of terugvordering. Voor de herziening en de terugvordering over de periode van 2 juni 2003 tot en met 31 augustus 2003 is het Uwv ervan uitgegaan dat het appellant in die periode niet duidelijk had kunnen zijn dat hij indirecte uren had moeten opgeven. Voor de herziening en de terugvordering van de WW-uitkering over de periode van 8 juli 2004 tot en met 12 augustus 2007 heeft appellant zich niet op het standpunt gesteld dat het Uvw hem in die periode onjuiste of onvolledige informatie heeft verstrekt over het opgeven van indirecte uren. Nu appellant de hoedanigheid van werknemer niet heeft herkregen en van herleving van zijn recht op WW-uitkering in het geheel geen sprake kon zijn, wordt aan een toetsing van de wijze waarop het Uwv het in de ZZP-Handleiding met bijlage opgenomen beleid heeft toegepast, in dit geval niet toegekomen.
Posted in Uncategorized

LJN: BW1085, Centrale Raad van Beroep, 10/6065 WIA

Toekenning Wet WIA-uitkering. Vaststelling dagloon. Dat betrokkene door zijn casemanager niet is voorgelicht over alle mogelijke consequenties van zijn beslissing om als zelfstandige te gaan werken, kan niet leiden tot het oordeel dat het dagloon in strijd met de wettelijke bepalingen op een hoger bedrag had moeten worden vastgesteld. Vernietiging aangevallen uitspraak. Beroep ongegrond.
Posted in Uncategorized

LJN: BW0627, Centrale Raad van Beroep, 11/1104 BBZ

Intrekking verleende toestemming voor voorbereidingsperiode. Appellant is niet meer aan te merken als een persoon die voornemens is een bedrijf of zelfstandig beroep te beginnen als bedoeld in artikel 2, derde lid, van het Bbz 2004. Dit brengt met zich dat appellant met het hier voorliggende hoger beroep niet kan bereiken dat hij alsnog wordt toegelaten tot de voorbereidingsperiode als bedoeld in dat artikellid. Onvoldoende procesbelang. Hoger beroep niet ontvankelijk.
Posted in Uncategorized

LJN: BW0530, Centrale Raad van Beroep, 10/6011 WAZ-T + 11/4453 WAZ-T

Afwijzing aanvraag WAZ-uitkering. Gedeeltelijk arbeidsongeschikt bij aanvang verzekering. Het is onduidelijk op grond waarvan het Uwv voor appellant per 1 april 2002 een urenbeperking van 20 uren aanneemt en als uitgangspunt hanteert dat appellant met ingang van 12 april 2002 (het moment dat appellant is gestart met zijn werkzaamheden als zelfstandig taxichauffeur) ook feitelijk 20 uren per week als zelfstandige is gaan werken. Aan het besluit dat het Uwv heeft genomen ter uitvoering van de aangevallen uitspraak kleeft hetzelfde gebrek. Het Uwv krijgt de opdracht het gebrek in het besluit dat het Uwv heeft genomen ter uitvoering van de aangevallen uitspraak te herstellen overeenkomstig hetgeen de Raad heeft overwogen.
Posted in Uncategorized

LJN: BW0444, Centrale Raad van Beroep, 10/112 WWB

Intrekking en terugvordering bijstandsuitkering. Schadevergoeding na ongeluk. De bedragen voor verlies aan verdienvermogen en voor vergoeding van economische kwetsbaarheid heeft het college terecht aangemerkt als inkomsten. Niet gemelde werkzaamheden als zelfstandige in de autohandel. Van de hieruit ontvangen inkomsten is geen deugdelijke administratie bijgehouden.
Posted in Uncategorized